Televisie via de kabel is nog steeds de populairste manier van televisiekijken in Nederland. Bedrijven als Ziggo en UPC bieden deze dienst aan. Consumenten kunnen daarnaast via satelliet, de digitale ether (Digitenne) of DSL (IPTV) televisiepakketten afnemen. In sommige gemeenten kijkt men al tv via glasvezelnetwerken. Digitale televisie maakt niet alleen een uitgebreider zenderpakket mogelijk (met vaak een betere beeldkwaliteit) maar steeds vaker ook het ‘on demand’ bestellen van televisieprogramma's of films. De tarieven voor televisie via satelliet, digitale ether en DSL liggen gemiddeld lager dan voor kabeltelevisie. Je zou dus verwachten dat deze manieren van tv-kijken concurreren met de kabel. Toch hebben de concurrenten van Ziggo en UPC slechts een klein marktaandeel. Doordat het aanbod op de kabel zo uitgebreid is en het analoge signaal geschikt is voor ontvangst op meerdere televisies in één huis, kiezen Nederlanders nog massaal voor kabel-tv. Wel zien we dat steeds meer mensen extra diensten afnemen via de decoder.

Regulering

OPTA heeft in maart 2009 de marktanalysebesluiten gepubliceerd. Op basis daarvan zijn UPC en Ziggo verplicht om hun kabelnetwerk open te stellen voor andere aanbieders. Deze andere aanbieders kunnen daarmee zelf het analoge televisiepakket en de aansluiting aan eindgebruikers leveren, bijvoorbeeld naast hun digitale pakketten. OPTA verwacht dat hiermee meer keuze ontstaat voor consumenten voor een betere prijs.

Onderhanden besluitvorming

Marktanalysebesluiten

Implementatiebesluiten


Overige documenten