Voor veel mensen is mobiel bellen net zo gewoon als bellen met een vaste telefonie aansluiting. Het aantal mobiele telefoons is inmiddels zo’n 20 miljoen en goed voor ongeveer 18 miljard minuten bellen per jaar. Daarmee heeft het mobiele telefonieverkeer de vaste telefonie nog niet ingehaald. Via de vaste netwerken worden ongeveer 25 miljard minuten afgewikkeld per jaar.
Aanbieders
Mobiele telefoniediensten (en overige mobiele diensten) worden geleverd door drie onafhankelijke aanbieders met een eigen netwerk, te weten KPN, T-Mobile en Vodafone. Dat aantal is in laatste jaren afgenomen door de overname van Telfort door KPN en Orange door T-Mobile. Naast die aanbieders met een volledig eigen netwerk zijn er diverse partijen die gebruikmaken van de netwerken van KPN, T-Mobile en Vodafone en daarmee mobiele telefonie aan hun eigen eindgebruikers leveren. Deze worden service providers (SP’s) of mobile virtual network operators (MVNO’s) genoemd. Voorbeeld van een MVNO is Tele2. Voorbeelden van SP’s zijn: AH Mobiel, Lebara Mobile, Lycamobile en Rabo mobiel.
Het gemiddelde prijspeil van mobiele telefonie is de laatste jaren licht gedaald.
Regulering
OPTA heeft aan aanbieders van mobiele diensten regulering opgelegd. Die beperkt zich tot de tarieven voor 1) mobiele gespreksafgifte
GespreksafgifteEen aanbieder koopt mobiele gespreksafgifte in bij een andere aanbieder zodra zijn eindgebruiker een eindgebruiker belt op het mobiel netwerk van die ander. De aanbieder van dat andere netwerk zorgt dat het gesprek over zijn netwerk aankomt bij de persoon die gebeld wordt. Alle partijen die diensten aan eindgebruikers aanbieden moeten hun gebruikers bereikbaar maken voor de gebruikers van andere partijen (interconnectieverplichting).
en 2) internationale roaming.
Iedereen kan bellen naar een mobiele telefoon, vanaf vaste lijnen en vanaf mobiele telefoons. Aanbieders kopen bij elkaar mobiele gespreksafgifte in zodra een eindgebruiker een eindgebruiker op een ander mobiel netwerk belt. De aanbieder van dat andere netwerk zorgt dat het gesprek over zijn netwerk aankomt bij de persoon die gebeld wordt. Hij heeft voor die dienst een monopolie. Zonder regulering bestaat het risico dat de tarieven buitensporig hoog worden. Waardoor ook de kosten voor eindgebruikers zouden stijgen. De regulering voorkomt deze prijsstijgingen.
De Europese Commissie heeft de internationale roaming gereguleerd. De tarieven die eindgebruikers betalen voor bellen en gebeld worden in het buitenland zijn aan maxima gebonden en ook de wholesaletarieven die aanbieders daarvoor bij elkaar in rekening brengen (binnen Europa). Hierdoor zijn de prijzen voor bellen en sms'en binnen de EU ruim 30% gedaald en betaalt een consument nooit meer dan € 0,51 per minuut of € 0,13 per sms. OPTA controleert samen met andere Europese toezichthouders of partijen aan deze regulering voldoen.
Onderhanden besluitvorming
- De meest recente marktanalyse is afgerond met het Marktanalysebesluit mobiele gespreksafgifte (MTA) 18 december 2008
- Op dit moment analyseert OPTA opnieuw de markt voor mobiele gespreksafgifte, nu gezamenlijk met de markt voor vaste gespreksafgifte. Deze analyse moet medio 2010 resulteren in een finaal marktanalysebesluit, dat ziet op de reguleringsperiode augustus 2010 tot augustus 2013. In het kader van deze analyse heeft OPTA in oktober 2009 een Vragenlijst marktanalyse vaste en mobiele gespreksafgifte uitgestuurd aan marktpartijen. Tevens zijn marktpartijen betrokken in een Industry Group (Uitnodiging voor marktpartijen tot deelname Industry Group BULRIC (FTA en MTA)).
Marktanalysebesluiten
- Marktanalysebesluit mobiele gespreksafgifte (MTA) 18 december 2008
- Marktanalysebesluit mobiele gespreksafgifte (MTA) 31 juli 2007
- Marktanalysebesluit mobiele telefonie - Toegang en gespreksopbouw op openbare mobiele telefoonnetwerken 14 november 2005
Implementatiebesluiten
Overige documenten
